Ja, dat is geen grapje, u hebt het goed gelezen: De zaal Dany Boon. De gemeente van Bray’s Duinen heeft het belachelijke gedurfd : een feestzaal Dany Boon noemen. Het meest belachelijk is nog waarom ze hun zaal Dany Boon hebben genoemd : De reden is omdat ze de naam “Dany Boon” leuk vinden. Ok, dat is een kwestie van smaak. Volgens de burgemeester, is hij iemand die van de regio afkomstig is. Ja ok, ze konden toch dan kiezen voor iemand afkomstig van de regio die echt iets voor zijn regio had gedaan die verdiende om zijn naam op een feestzaal te zien staan.

Wat heeft Dany Boon voor zijn regio gedaan?

De Frans-Vlaamse cultuur enorm beschadigen, de inwoners van de regio als naïef en dronkaars inbeelden …

Maar voor de politici, is Dany Boon god!

Volgens de politici, heeft Dany Boon het imago van de regio verbeterd. Dat is inderdaad, wat ze denken en natuurlijk niet waar. Maar is het niet de job van de politici om voor het imago van de regio te zorgen?Is het niet een bevoegdheid van de regio zelf? Ze zijn dus enorm dankbaar voor Dany Boon omdat ze denken dat hij hun werk heeft gedaan en daarom behandelen de politici Dany Boon als een ster. Maar is het eerlijk t.o.v. de gewone burger ?

Als u communicatie studeert, een van de eerste dingen die u zal leren, is dat de keuze van de naam belangrijk is. De naam van onze regio en van onze departement, hebben wij niet zelf gekozen. De naam van de departement werd in Parijs door Parijzenaars tijdens de Franse revolutie bepaald, dus niks authentiek die niks met ons cultuur en onze geschiedenis te doen heeft. Het logo van de regio is ook niet geweldig een belfort met een hart. Dat betekent dus dat de inwoners van de andere regio’s van Frankrijk asociaal zijn. Dat is een beetje kortzichtig.

Mochten de politici hun werk echt willen doen, dan zou ze starten door een echte naam en een echte logo te zoeken die de authenticiteit, de geschiedenis en de drie gemeenschappen van de regio uitstraalt.

Dus de gekozenen, aan de slag!

Reageer op dit artikel op het forum “Frans-Vlaanderen in het Nederlands”